Koken & genieten Persoonlijk

Wat trainen met een sportprofessional me leerde

Acht weken trainen onder begeleiding van een sportprofessonal: Het was precies wat ik nodig om mijn ‘couch potato’-levensstijl weer op het goede spoor te krijgen. Het kostte me redelijk wat geld, tijd en inspanningen. Ik kreeg er heel wat vragen over en, om eerlijk te zijn, ook wel wat commentaar. Maar ik ben ontzettend blij dat ik het gedaan heb omdat het me zo veranderd heeft. Ondertussen zit de “bootcamp” er al een tijdje op. Wat heeft het me geleerd? Enkele lessen op een rijtje.

Eerst wat duiding:

  • Ik startte met het programma op 19 augustus. Precies twee maanden later, 19 oktober dus, later was het afgelopen.
  • Ik sportte vier keer per week, waarvan twee keer spinning. De andere sessies waren een combinatie van krachttraining en cardio.
  • Het voedingspatroon bestond uit 1 dag uitsluitend shakes drinken, de andere dag at ik koolhydraatarm: Alleen havermout ’s ochtends en om 16u. Voor de rest twee maaltijden met groenten en eiwitten.
  • Hier kan je lezen waarom ik de bootcamp volgde.
Poging tot een ‘post-workout-seflie’

Les 1: Kilo’s gaan sneller dan conditie

“Je smelt weg”, zeiden vrienden en collega’s me wel eens. En zo voelde het ook. De kilo’s vlogen er af. Zelfs kilo’s die er al ruim tien jaar aanplakten verdwenen soepeltjes. “Da’s een crashdieet”, kreeg ik als commentaar van sommigen. Ik geef toe dat het gewichtsverlies heel snel ging. En ergens in mijn achterhoofd leeft de vrees dat de kilo’s net zo snel kunnen terugkomen als dat ze verdwenen. Maar drie maanden na het beïndigen van de bootcamp zit ik nog op hetzelfde gewicht. Wellicht omdat ik nog steeds vier keer per week sport. Ik hou er wel rekening mee dat slechte gewoontes sneaky zijn: ze slaan niet meteen weer genadeloos toe, maar nestelen zich langzamerhand weer in je leven. Gezonde hoofdmaaltijden lukt, zoals altijd al, vrij goed. Maar tussendoor ga ik wel eens uit de bocht: een zak nootjes op mijn bureau, te veel chocolade en chips,…

Kilo’s verliezen kan snel gaan, maar een conditie opbouwen vraagt tijd. Toch kan je door interval-trainingen heel snel je grenzen verleggen. De eerste intervalsessies bij mij bestonden uit 1 minuut lopen à 11,4km/u en 1 minuut wandelen aan 4,5km/u. En dat maal twaalf keer. Toen de trainer dat uitlegde en ondertussen de loopband automatisch instelde. dacht ik dat hij mijn schema verwisseld had met dat van iemand anders. Niet dus… Meermaals vreesde ik dat mijn laatste adem op een loopband zou blazen. Maar kijk, ik loop ondertussen nog altijd rond en de intervals heb ik iets zwaarder gemaakt. Vóór 19 augustus was mijn conditie een drama. Alhoewel ik ooit 10km aan een stuk kon lopen, was dat soort prestaties een vage herinnering. Door de zware trainingen ging mijn conditie er razendsnel op vooruit.

Anderzijds ontwikkelde ik te grote verwachtingen. Vol goede moed nam ik begin oktober deel aan een loopwedstrijd van 5km. In 40 minuten uitlopen was het doel. Ik startte helemaal vooraan het deelnemersveld, liep in het begin veel te snel en werd ingehaald door vrijwel alle andere lopers. Compleet opgebrand sukkelde ik over de eindmeet. Met een gemiddelde van 7,5 km/u behoorde ik tot de staart van het klassement. Ik voelde me gefrustreerd, maar tegelijkertijd was ik me bewust van de reality check: een conditie opbouwen is een werk van lange adem.

En kijk: drie weken later nam ik opnieuw deel aan een wedstrijd. Ik doseerde mijn krachten beter. En dit keer haalde ik 8,3km/u. Ik ben nog steeds aan het opbouwen. Eerder deze week klokte ik af op 9,4km/u. Ik hing dan wel compleet uitgeteld op de loopband, maar het doel komt wel langzamerhand in zicht.

Tip: Start nooit helemaal vooraan als je weinig ervaring hebt met loopwedstrijden. Het risico is reëel dat je even snel wilt lopen als de ervaren deelnemers en veel te snel door je reserves heen zit. Bovendien is het heel frustrerend als grote drommen mensen je inhalen.

Les 2: Ik heb een doel nodig

Vlak na de tweede loopwedstrijd kwam ik eventjes in een vacuüm terecht. Ik had niet meteen zicht op een nieuwe uitdaging en daardoor voelde ik me verloren. Ondertussen ligt er een nieuwe doelstelling klaar: ik wil 5km kunnen uitlopen in een half uur. Een wedstrijd is er nog niet in het vooruitzicht, een datum wel: op 1 maart moet ik mijn volgende doel bereikt hebben op de loopband.

Les 3: Je kan meer dan je denkt

Het is belangrijk om je grenzen in de gaten te houden. Je moet niet als een gek iedere dag je lichaam uitputten. Maar toch. Ik merkte het aan den lijve: je grenzen liggen vaak net iets verder dan je denkt. Vaak dacht ik op voorhand al: “dat gaat niet!” Maar toch viel perste ik er ergens nog een beetje kracht uit. De struikelblokken zitten vaak vooral in je hoofd. Mijn lichaam was tot zaken in staat die ik nooit had verwacht. Niet op mijn leeeftijd en zeker niet na een hoofdzakelijk sportloos bestaan.

Tip: Ben Tiggelaar schreef er onlangs deze interessante column over.

Les 4: Shakes zijn niet des duivels

Toen mijn trainer zei dat het voedingsprogramma bestond uit om de dag puur op 3 eiwitshakes leven, had ik dezelfde reactie zoals zoveel mensen: “Ik haat shakes!” En: “Zo lang ik tanden heb, wil ik ze ook gebruiken.” Maar ik ging het engament én experiment aan. Sommige mensen vinden shakes ongezond, maar ik ging er van uit dat 8 weken wel haalbaar moet zijn. En de shakes die ik dronk waren qua samenstelling ook deskundig uitgewerkt. Met weinig suikers en veel eiwitten die je echt wel nodig hebt voor het spierherstel als je zoveel sport. Het waren echter vooral mijn smaakpapillen die treurden. De verschillende smaakjes zorgden in het begin voor wat afwisseling, maar na een tijdje was ik de fluffy consistentie meer dan beu. In principe mocht ik niks anders eten, tenzij op een komkommertje of augurk sabbelen. Of ik verwende mezelf met de beste (en ook de duurste) kerstomaatjes. Er gebeurde iets wat ik liever had vermeden: ik pikte mijn oude gewoonte weer op: liters Cola Light… Nochtans was ik net zo goed afgekickt…. Werkpuntje dus.

Tip: Eiwitshakes zijn geen must in een gezond voedingspatroon. Als je voldoende vis, vlees, zuivel, eieren of plantaardige alternatieven eet, krijg je voldoende eiwitten binnen. Ze kunnen wel handig zijn als je eens weinig tijd hebt. Of als je zoveel sport dat je je eiwitreserves extra wilt aanvullen.

Les 5: Koolhydraatbewust eten

Er zijn mensen die zich goed voelen bij een voedingspatroon à la keto waarbij je nauwelijks koolhydraten eet. Ik kan me inbeelden dat zo’n dieet z’n troeven heeft als je het juist doet. Maar ik zou het veel te beperkend vinden en heb ook het gevoel dat mijn lichaam de carbs nodig heeft. Toch spring ik bewuster om met koolhydraten. Onze Westerse voeding bevat van oorsprong al vrij veel koolhdyraten (brood, aardappelen,…) en dan namen we er ook nog eens invloeden uit andere keukens bij (pasta, rijst,…). Bovendien zijn er veel producten waarvan veel mensen niet beseffen dat ze vol koolhydraten zitten: fruit en wijn bijvoorbeeld. Te koolhydraatrijk eten zorgt ervoor dat ik me minder verzadigd voel en blijf snakken naar suiker. Dat probeer ik nu te vermijden door voldoende eiwitrijke voeding. Dat zorgt voor een beter verzadigd gevoel.

Op de niet-shakedagen smaakten dit soort maaltijden als een feest: 100 à 140 gram eiwitten (vlees, vis of een eiwitrijk veggie alternatief zoals tofu + 200 à 300 gram groenten. De

Tip: Het is natuurlijk niet de bedoeling om iedere dag je eten onder een dikke laag mayonaise te bedelven, maar een beetje vet kan geen kwaad en is zelfs gezond. Mayo uit een potje bevat vaak suikers. In een koolhydraatbewust dieet is het dus beter om je sauzen zelf te maken.

Conclusie:

Na bijna zes maanden intensief sporten, ben ik in een soort van gezonde sportflow terechtgekomen. In die zin dat het begint te kriebelen als ik twee dagen niet intensief gesport heb. Dat betekent niet dat ik iedere sessie met volle goesting start. Nog regelmatig moet ik me slepen naar een sportafspraak. Maar steeds wel onder het motto: “Van sporten heb je nooit spijt. Van een beurt overslaan wel.” En het gevoel achteraf is onbetaalbaar. Stilaan begin ik het steeds liever te doen en maakt het deel uit van mijn dagelijkse leven. En dat gevoel wil ik bestendiger. Zeker nu mijn conditie er met sprongen op vooruit gegaan is. Die twee maanden personal training en harder trainen dan ooit heeft me de reset bezorgd waar ik zo naar op zoek was.

En als ik het even niet mee zie zitten, dan bekijk ik nog eens de voor/na-foto’s.

Tip: De voor en na foto’s die je vaak ziet op social media trekken makkelijk de aandacht. Vlak voor ik begon met de personal training heb ik tal van dit soort foto’s bekeken en de bijhorende verhalen gelezen. Het was het laatste zetje dat ik nodig had om zelf uit de startblokken te schieten. Maar staar je niet blind op dit soort foto’s. Uiteindelijk leggen we allemaal ons eigen traject af op onze eigen specifieke manier. En de na-foto is ook nooit helemaal af hé. Dit is slechts een momentopname. Gezond leven, mentaal en fysiek goed in je vel zitten is geen kwestie van voor en na. Het is een proces dat nooit ophoudt: Met vooruitgang en soms mindere momentjes. Het hoort er allemaal bij.

Freelance copywriter, voice-over en tv-producer (voor het programma Tendens) Mijn blog is een combinatie van een uitlaatklep, testlab en kletshoekje. Ik blog graag over lekker eten, ben verzot op mealpreppen en wil bewijzen dat ook solo eten niet suf of zielig hoeft te zijn. Vroeger heb ik ook nog voor de radio en de geschreven pers gewerkt. Contact: isabelle punt uselli @ gmail dot com

2 reacties op “Wat trainen met een sportprofessional me leerde

  1. Straf gedaan!

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: